Dierenarts en vervoer

 

De onderwerpen

Klik op onderstaande links om direct naar het onderwerp te gaan.

dierenarts kat

De dierenarts

Vroeg of laat krijg je ermee te maken; een bezoekje aan de dierenarts. Het is verstandig om op zijn minst een jaarlijkse controle te hebben. Het is daarnaast goed om te beseffen dat katten meesters zijn in het verbergen van problemen! Wanneer je kat zich anders gaat gedragen, bijvoorbeeld door wat stijver te worden (ouderdom is geen ziekte!) of door minder goed te eten, neem dan even contact op met je dierenarts.

Ook in de avonden, weekenden en vakanties zijn dierenartsen beschikbaar. Als je eigen dierenarts afwezig is, dan heeft deze waarschijnlijk een berichtje met informatie over de dienstdoende dierenarts wat je te horen krijgt wanneer je belt. Ook buiten kantoortijden raden wij aan om bij twijfel even te bellen.

Welke dierenarts

Vaak heb je keuze uit diverse dierenartsen, hoe kies je dan? Je kunt kijken naar de prijzen, de afstand, ervaringen van andere mensen. Wat voor ons van belang is, is het gevoel dat je bij de praktijk hebt. Mocht er iets ernstigs aan de hand zijn, dan is het voor jou als eigenaar namelijk wel zo prettig om een goed gevoel te hebben bij de dierenarts, en om vertrouwen te hebben in de praktijk. Er zijn ook dierenartsen gespecialiseerd in de behandeling van katten. Mocht je keuze hebben, kijk dan eens op de sites van enkele dierenartsen of loop er eens binnen.

kat dierenarts

Verzekering

Of verzekeren wel of niet verstandig is, ligt aan jouw situatie. Heb je een gezond dier en minder ruimte om te sparen, dan kan een verzekering een goede keuze zijn. Heb je dier met allerlei klachten, dan wordt een verzekering vaak duur en sluit de bestaande klachten gewoonlijk uit. Bij een ouder dier is het lang niet altijd meer mogelijk om een verzekering af te sluiten.

Het is dus niet in alle gevallen even handig, maar omdat dierenartskosten hard op kunnen lopen, is het zeker een goed idee om eens te kijken wat een verzekering voor jouw dier zou betekenen. Let daarbij op de uitbetaling; gaat die rechtstreeks aan de dierenarts of moet je de rekening betalen en later zelf indienen. Kijk ook naar wat wel/niet vergoed wordt, hoeveel % van een rekening vergoed wordt …

Standaard behandelingen

Er zijn diverse behandelingen die de meeste eigenaren wel kennen; de inenting, de castratie en het plaatsen van de chip. Ook kun je bij je dierenarts terecht voor producten tegen vlooien, wormen en teken. Ook een binnenkat kan ziektes oppikken of last krijgen van ongewenste gasten!

Inenting

Wij raden aan om de inenting op zijn minst te overwegen, zeker ook bij binnenkatten. Misschien heb je wel ‘ns gehoord van een uitbraak van kattenziekte, waarbij grote aantallen katten overlijden. De inenting voor kattenziekte is 3 jaar geldig. De jaarlijks terugkerende inenting is tegen niesziekte. Kittens worden 2x ingeënt, daarna jaarlijks met een kleine of grote cocktail.

Wil je niet zomaar enten zonder te weten of de kat nog voldoende bescherming heeft, dan kun je een titerbepaling overwegen. Dit is een bloedonderzoek waarbij gekeken wordt naar de antistoffen.
Voor andere landen zijn mogelijk aanvullende inentingen verplicht, die soms ruim van tevoren toegediend moeten worden. Neem voor meer informatie omtrent inentingen contact op met je dierenarts.

Castratie

Bij poezen wordt het soms sterilisatie genoemd, maar zowel poezen als katers worden gewoonlijk gecastreerd. Bij castratie worden de zaadballen of de eierstokken (en eventueel de baarmoeder) verwijderd. Hierdoor zal de poes niet meer krols worden. De castratie heeft nog andere voordelen, zoals het verkleinen van de kans op bepaalde ziektes. Denk hierbij aan melkklierkanker en baarmoederontsteking.

Bij een kater verminderd het de kans op gedrag zoals sproeien en vechten, en indirect ook de kans op ziektes. Bepaalde ziektes komen door het vechten (veel) vaker voor bij ongecastreerde katers; kattenaids (FIV) en kattenleukemie (FeLV). Ook loopt een ongecastreerde kater meer risico op abcessen van gevechten.

Mocht je niet willen castreren omdat je een nestje leuk zou vinden, loop dan eens een asiel in. De hoeveelheid kittens die jaarlijks in de asielen belandt is echt enorm! Misschien heb je al baasjes voor eventuele kittens en heb je het idee dat die paar katten meer of minder geen verschil gaan maken, maar wat nou als die ook een ‘voor de leuk’ nestje willen? Je hebt geen kijk op de toekomst van die kittens. Je doet je poes er overigens ook geen plezier mee, de dekking is geen pretje. Daarnaast kan het voorkomen dat er iets verkeerd gaat, bijvoorbeeld tijdens de bevalling, en er hoge kosten bij komen kijken.

Wil je toch kittens in huis? Veel asielen werken tegenwoordig met gastgezinnen, waarbij je vooraf afgesproken kittens opvangt. Zoals weesjes, zwangere poezen of poezen met kittens, gewonde kittens of flessekittens. Op deze manier draag je op een positieve manier bij aan het kattenoverschot en heb je wel het plezier van kittens in huis. Daarnaast heb je professionele hulp achter de hand en worden onkosten gewoonlijk vergoedt.

kittens met moeder

Chip

Het plaatsen wordt gedaan met een naald met daarin de chip, deze heeft het formaat van een rijstkorrel. Hierin zit een microchip met een nummer, welke met een speciale scanner afgelezen kan worden. Dit nummer kan vervolgens in een databank opgezocht worden. De chip zelf bevat dus geen gegevens van de eigenaar, maar alleen een nummer! De dierenarts (of bij een asielkat, het asiel) zorgt gewoonlijk voor de registratie. Check wel even of het chipnummer geregistreerd wordt, en je informatie klopt. En vergeet na een verhuizing of de wijziging van een telefoonnummer niet om deze informatie aan te (laten) passen.

Vlooien en wormen

Vlooien kunnen preventief behandeld worden, wormen niet. Het is wel verstandig om regelmatig te ontwormen. In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, zie je wormen lang niet altijd bij de anus of aan de ontlasting. De meest voorkomende spoelworm bijvoorbeeld, zul je eerder aantreffen braaksel. Je dierenarts kan je uitgebreid advies geven over welk product het beste bij jouw dier past. Er zijn tabletjes, pipetjes (spot-on), vlooienbandjes, sprays … Sommige producten behandelen zowel tegen vlooien als tegen een aantal soorten wormen. Ook kan de dierenarts laten zien hoe je pipetjes op de juiste manier toedient.

Mocht je dier vlooien hebben, ontworm dan ook meteen bij de behandeling – vlooien kunnen eitjes van de lintworm met zich meedragen. Behandel daarnaast de omgeving goed; was mandjes en dergelijke, stofzuig dagelijks en gooi de zak weg, maak gebruik van een omgevingsspray. Deze is ook verkrijgbaar bij de dierenarts. Het grootse deel van de vlooienbesmetting zit namelijk niet op het dier, maar in de omgeving.

Vervoer

Het is verstandig om per dier een vervoersmandje te hebben, mocht er onverwachts iets gebeuren dan is het wel zo prettig dat je elke kat gemakkelijk mee kunt nemen. Zet tijdens het vervoer het mandje vast met een gordel. Vindt je kat het mandje eng, laat het dan standaard in huis staan, met bijvoorbeeld een dekentje erin. Je kunt je kat ook met speeltjes en/of een lekker hapje laten wennen aan een kooitje.
Als je kat het kooitje enorm eng vindt, maar wel een tuigje gewend is, kun je kijken of de kat het fijner vindt om met een tuigje in de auto te mogen. Zet het tuigje dan wel vast en rij het liefst met iemand mee; je wil geen ongelukken riskeren omdat de kat afleidend werkt!

Vervoersmandjes

Er zijn diverse soorten vervoersmandjes, de keuze hangt ook af van het gebruik. Neem je je dier geregeld mee op reis, dan zouden wij persoonlijk voor een (veel) ruimer reiskooitje kiezen. Wij zouden zelf geen rieten of stoffen mandje te kiezen; een kat kan zich flink vastgrijpen aan zo’n mandje, wat onhandig kan zijn. Kies voor een stevig kooitje, met een ruime opening, waarbij ook de gehele bovenkant er vanaf kan. Op deze manier kan een dierenarts de kat ook veilig in het kooitje laten zitten en simpelweg de bovenkant even verwijderen. Het kan voor katten vervelend zijn als een kooitje een bovenkant heeft met een open structuur, een handdoek over het kooitje kan dan helpen.

Als je kat het mandje erg eng vindt, dan kan een mand met opening aan de bovenkant in plaats van aan de voorkant handig zijn om de kat in het mandje te krijgen. Vindt de kat vervoer dermate eng dat deze gaat plassen, kies dan voor een kooitje met losse bodemplaat. De kat zit dan niet in de urine. Je kunt eventueel nog kranten onder de bodemplaat leggen.